|
Vertrouwenspersoon – Klachtenregeling
Intern vertrouwenspersoon voor SG de Grundel is: Hans Hilhorst.
Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.
Telefoon: 074-2672267.
Wie kan gebruik maken van de vertrouwenspersoon? Elke leerling, ouder/verzorgers, en elk personeelslid van de Grundel. Ook ieder die door omstandigheden of gebeurtenissen of activiteiten betrokken raken of zijn geraakt met leerlingen, ouders/verzorgers, personeelsleden van de SG de Grundel .
Waar kan ik de gehele klachtenregeling vinden? De klachtenregeling onderwijs van de Stichting Carmelcollege, die geldt voor alle scholen van de Carmel is te vinden op de site van de Stichting Carmelcollege.
Hoe verloopt de behandeling van klachten? De school beschikt over tenminste één interne vertrouwenspersoon en één externe vertrouwenspersoon die kunnen functioneren als aanspreekpunt bij klachten. Het gaat om klachten die tussen klager en aangeklaagde op een bevredigende en snelle wijze kunnen worden afgehandeld, na en/of in overleg met de vertrouwenspersoon ( of ieder ander die de voorkeur heeft van de klager). Klachten die niet, met de bovengenoemden kunnen worden afgehandeld, worden voorgelegd aan de schoolleider cq. schoolleider.
Toelichting procesgang
- De leerkracht of contactpersoon signaleert en reageert snel bij een probleem van een leerling en/of een ouder Hij/zij benadert de leerling en/of ouder en vraagt wat er aan de hand is.Indien blijkt dat een gesprek tussen de leerkracht, de ouder en de leerling geen zin heeft wordt bekeken of de vertrouwenspersoon of een andere collega met de leerling en/of ouder contact kan opnemen. De vertrouwenspersoon, cq. een collega (b.v.de leerlingbegeleider, de mentor, de decaan) bespreekt de onenigheid en bekijkt of een oplossing kan worden geboden. De taak van een signalerende leerkracht/ personeelslid of contactpersoon bestaat alleen uit het doorverwijzen van klager naar de vertrouwenspersoon. Als de vertrouwenspersoon en of andere betrokkenen in de school een vermoeden hebben dat er sprake is van een strafbaar feit (seksueel misbruik en/of seksuele intimidatie) lichten zij direct de schoolleider of de vertrouwenspersoon in. Het College van Bestuur wordt onmiddellijk hiervan op de hoogte gebracht volgens de bepalingen in het Protocol Seksueel Misbruik en Seksuele Intimidatie.
- Klachten die niet tussen klager en de direct betrokkenen kunnen worden opgelost worden voorgelegd aan de direct leidinggevende (de locatiedirecteur/sectordirecteur, cq. de teamleider).
De behandeling van de klacht verloopt als volgt:
- de vertrouwenspersoon nodigt klager en aangeklaagde schriftelijk uit voor een gesprek. Zonodig wordt informatie ingewonnen bij derden;
- de vertrouwenspersoon handelt de klacht binnen twee weken af. Klager en aangeklaagde(n) worden schriftelijk in kennis gesteld van de bevindingen en de
conclusies met betrekking tot de klacht;
- de afhandeling van de klacht en de wijze waarop dit is gebeurd worden door de vertrouwenspersoon geregistreerd.
Indien de behandeling van de klacht niet leidt tot een oplossing van de klacht meldt de vertrouwenspersoon dit zo snel mogelijk bij de schoolleider. De schoolleider behandelt de klacht binnen twee weken volgens de wijze zoals hierboven omschreven bij a, b,c. Klagers kunnen zich gedurende de procedure op school met inachtneming van artikel 4, lid 3 van de klachtenregeling Stichting Carmelcollege te allen tijde richten tot de klachtencommissie. (Soms is het nodig een klachtencommissie in te stellen, procedures enz te vinden in de klachtenregeling onderwijs van de Stichting Carmelcollege)
Hoe gaat dat met oude(re) klachten? Ook een ex- leerling ex- betrokkene is bevoegd een klacht in te dienen. Bovendien is bepaald dat een klacht binnen een jaar na de gedraging moet worden ingediend, tenzij de klachtencommissie anders bepaalt. Hierbij valt te denken aan (zeer) ernstige klachten over sexuele intimidatie, geweld en discriminatie. Waar kunnen klachten over gaan?
- de begeleiding van leerlingen
- de beoordeling van leerlingen
- onverantwoord pedagogisch handelen
- onvoldoende begeleiden van leerlingen
- onjuiste beoordeling van prestaties van leerlingen
- onjuiste schooladviezen over vervolgonderwijs
- seksuele intimidatie, discriminerend gedrag, agressie, geweld en pesten*
- miscommunicatie tussen ouders en school
- verkeerd straffen, schorsen of verwijderen
- gelijke gevallen niet gelijk behandelen
- klachten van ouders of leerlingen over onzorgvuldig handelen
- verkeerde houding aan nemen ten opzichte van de ouders
- verkeerde informatie verstrekken aan (gescheiden) ouders
- onvoldoende kwaliteit van onderwijs bieden
- onvoldoende veiligheid op school bieden
- onvoldoende bepalen van beleid
- onvoldoende zorg voor hygiëne
- verkeerde inning van ouderbijdrage
- aanbieden van te weinig onderwijstijd (toegevoegd door het College van Bestuur).
*Onder agressie, geweld en pesten worden verstaan: gedragingen en beslissingen dan wel het nalaten van gedragingen en het niet nemen van beslissingen waarbij bedoeld of onbedoeld sprake is van geestelijke of lichamelijke mishandelingen van een persoon of van een groep personen die deel uitmaakt van de schoolgemeenschap.
*Onder seksuele intimidatie wordt verstaan: ongewenst seksueel getinte aandacht die tot uiting komt in verbaal, fysiek en non/verbaal gedrag. Dit gedrag wordt door degenen die het ondergaat, ongeacht sekse en/of seksuele voorkeur, ervaren als ongewenst, of wordt, indien het een minderjarige leerling betreft, door ouders, voogden of verzorgers van de leerling als ongewenst aangemerkt.
*Onder discriminerend gedrag wordt verstaan: elke vorm van ongerechtvaardigd onderscheid, als bedoeld in artikel 2 van de Algemene wet gelijke behandeling, elke uitsluiting, beperking of voorkeur die ten doel heeft of tot gevolg kan hebben dat de erkenning, het genot of de uitoefening op voet van gelijkheid van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden op politiek, economisch, sociaal of cultureel terrein of op andere terreinen van het openbare leven wordt teniet gedaan of aangetast. Discriminatie kan zowel bedoeld als onbedoeld zijn.
Wat zijn de taken van de vertrouwenspersoon?
- De vertrouwenspersoon functioneert als aanspreekpunt bij klachten. De vertrouwenspersoon is voor de uitvoering van zijn taak uitsluitend verantwoording schuldig aan de schoolleider.
- De vertrouwenspersoon heeft in het bijzonder tot taak het verzorgen van de eerste opvang, het onderzoeken van de klacht(en) en het geven van advies.
Indien de vertrouwenspersoon slechts aanwijzingen, doch geen concrete klachten bereiken, kan hij deze ter kennis brengen van de schoolleider of de klachtencommissie. Ingeval de schoolleider deel uitmaakt van de klacht wendt de vertrouwenspersoon zich tot het bevoegd gezag.
- De vertrouwenspersoon gaat uiterst omzichtig te werk om de privacy van klager en
aangeklaagde te waarborgen.
- De vertrouwenspersoon kan de elders terechtgekomen klachten die hem ter kennis gebracht worden in de uitoefening van zijn functie betrekken.
- De vertrouwenspersoon gaat na of de klager getracht heeft de problemen met de aangeklaagde of met de betrokkenen in de school op te lossen. Als dat niet het geval is bekijkt de vertrouwenspersoon of eerst voor die weg kan worden gekozen.
De vertrouwenspersoon kan klager in overweging geven, gelet op de ernst van de zaak, geen klacht in te dienen , de klacht in te dienen bij de klachtencommissie, de klacht in te dienen bij het College van Bestuur, dan wel aangifte te doen bij politie/justitie (zie ook Protocol Seksueel Misbruik/Seksuele Intimidatie Stichting Carmelcollege. Begeleiding van klager houdt ook in dat de vertrouwenspersoon nagaat of het indienen van de klacht leidt tot repercussies voor de klager. Tot slot vergewist hij zich ervan dat de aanleiding tot de klacht daadwerkelijk is weggenomen. Indien de klager een minderjarige leerling is, worden met medeweten van de klager, de ouders/verzorgers hiervan door de vertrouwenspersoon in kennis gesteld, tenzij naar het oordeel van de vertrouwenspersoon het belang van de minderjarige zich daartegen verzet.
- De vertrouwenspersoon is verplicht tot geheimhouding van alle zaken die hij/zij in zijn/haar hoedanigheid als vertrouwenspersoon verneemt/heeft vernomen, ook nadat hij/zij uit zijn/ haar functie is ontheven.
Deze plicht tot geheimhouding geldt niet ten opzichte van de schoolleider, de klachtencommissie, het College van Bestuur en politie en justitie, indien moet worden voldaan aan een wettelijke verplichting.
- De vertrouwenspersoon geeft de schoolleider jaarlijks inzicht in de omvang, aard en het resultaat van de aanhangig gemaakte problemen (zonder naamsvermelding).
|